Volgende sectie
Volgende pagina: →5. Ontbreken van de netspanning
Controleer bij uitval van de netspanning (bv. stroomuitval) eerst de zekering van de vaste elektrische installatie.
5.1 Deurgedrag bij ontbreken netspanning
| Toestand | Reactie |
|---|---|
| Geen netspanning (bv. stroomuitval) | In de bedrijfsmodus “Nacht/Vergrendeld” blijft de deur gesloten en vergrendeld. |
| Standaard-aandrijvingen |
In de bedrijfsmodi “Winkelsluiting”, “Automaat” en “Continu open” is het gedrag afhankelijk van de ingestelde parameters:
|
| FR-aandrijvingen |
|
| BO-aandrijvingen |
|
| Geen netspanning (SL-T30 en SL-RD) | De deur wordt in alle bedrijfsmodi met gereduceerde sluitsnelheid gesloten. |
| Herstel van de netspanning | De deur keert automatisch terug naar de laatst gekozen bedrijfsmodus. |
| Herstel van de netspanning (SL-T30) | Met de Reset-toets (in de aandrijvingskap) keert de deur terug. |
| Herstel van de netspanning (SL-RD) |
De deur keert als volgt terug:
|
5.2 Ver-/ontgrendelen bij ontbreken netspanning
Tandriemvergrendeling
Vergrendelen is alleen bij gesloten deur zinvol.
Vergrendelen bij aandrijvingen met ingebouwde accu
Wanneer de deur moet worden vergrendeld en deze de enige toegang vormt:
- Deur van binnen handmatig dichtschuiven.
- Veiligheidsstift indrukken.
- Aanstuurelement voor bevoegd openen (binnen) zolang bedienen, tot de initialisering is afgesloten.
Resultaat: DPS/TPS toont "Nacht/Vergrendeld". Deur opent → Gebouw verlaten → Deur sluit → vergrendelt en schakelt uit.
Ontgrendelen bij aandrijvingen met ingebouwde accu
- Van buiten: Aanstuurelement voor bevoegd openen (buiten) bedienen tot deur opent.
- Van binnen: Aanstuurelement voor bevoegd openen (binnen) bedienen tot deur opent.
Bediening zonder accu (alleen van binnen)
- Vergrendelen: Deur sluiten en veiligheidsstift (9, hoofdstuk 3.1) verschuiven/indrukken.
- Ontgrendelen: Aan veiligheidsstift trekken. Deurvleugels kunnen met de hand geopend worden.
Stangvergrendeling, Lock A en Vouwdeurvergrendeling
Vergrendelen is alleen bij gesloten deur mogelijk.
Vergrendelen bij aandrijvingen met ingebouwde accu
- Deur van binnen handmatig dichtschuiven.
- Stangvergrendeling: Met inbussleutel via kap vergrendelen.
- Lock A: Gereedschap (Ø 5 mm) onder in de gleuf steken en vergrendeling naar boven drukken.
- Vouwdeur: Met inbussleutel via linker stijlprofiel vergrendelen.
- Aanstuurelement (binnen) bedienen tot initialisering start.
Ontgrendelen bij aandrijvingen met ingebouwde accu
Zie procedure voor Tandriemvergrendeling.
Ontgrendelen zonder accu (alleen van binnen)
- Stangvergrendeling: Met inbussleutel via kap ontgrendelen.
- Lock A: Gereedschap (Ø 5 mm) in gleuf leiden en in aangegeven richting ontgrendelen.
- Vouwdeur: Met inbussleutel via linker stijlprofiel ontgrendelen en kier openen.
Vergrendeling voor SL-BO
- Vergrendelen (met accu): Deur sluiten, stift indrukken, aanstuurelement bedienen.
- Vergrendelen (zonder accu): Deur sluiten, veiligheidsstift indrukken.
- Ontgrendelen (zonder accu): Aan veiligheidsstift trekken.
6. Storingsmeldingen
6.1 Toetsenprogrammaschakelaar (TPS) & Display (DPS)
| TPS Weergave (LEDs) | Benaming | DPS (Display Codes) |
|---|---|---|
| ––––– | Geen bedrijfsspanning | - |
| –––xx | Aandrijving te heet (Overbelasting) | 45, 46, 48, 75, 78 |
| ––x–x | Positie fout | 26, x.x |
| ––xx– | Veiligheidssensor Sluiten (SIS) | 13, 19 |
| ––xxx | Motor storing | 10, 11, 12, 71, 72 |
| –x––x | Aansturing langer dan 4 min. | 35-40 |
| –x–xx | Sluis, tochtportaal | 33 |
| –xx–– | Accu storing | 61 |
| –xxx– | Openingstijd te groot | 64 |
| x–––x | Alarm | 07, 08, 32, 42, 44 |
| x––xx | DCU10 storing | 450 |
| x–x–– | SIO, Break-Out (BO) | 27, 29, 41 |
| xx––– | Stroomuitval | 03 |
| xx––– | Besturing | 01, 02, 28, 47, 60... |
| xxx–– | Vergrendeling | 16, 17, 18, 51, 53 |
6.2 Mechanische programmaschakelaar MPS
Storing wordt weergegeven door continu branden van de LED.
- Servicemonteur informeren.
7. Wat te doen als...?
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De deur opent en sluit langzaam | Vloergeleiding vervuild |
|
| Obstakel in de draaicirkel |
|
|
| De deur opent en sluit doorlopend | Reflecties (vloer, regen, planten) |
|
| De deur opent slechts tot een kier | Obstakel in de draaicirkel |
|
| De deur opent niet |
|
|
| De programmaschakelaar kan niet worden bediend | Geblokkeerd of defect |
|
| Weergave storingsmeldingen | Storing in installatie |
Reset uitvoeren:
Bij TPS:
Bij DPS:
|