News

GEZE Powerdrive: Voormontage & Veiligheidscontrole

GEZE Powerdrive Voormontage en Installatiegids

5. Voormontage

5.8 Transmissiemotor en besturing verbinden

Powerdrive PL

  • Leg de kabel van de encoder (2) en de motoraansluitkabel (3) naar de besturing.
  • Stekker in besturing (4) steken.

Powerdrive PL-FR

  • Leg de kabel van de encoder (2), de motoraansluitkabel (3) en de motoraansluitkabel van de tweede motor (1) naar de besturing.
  • Stekker in besturing (4) steken.

5.9 Tandriemvergrendeling (optie) en besturing verbinden

  • Kabel tandriemvergrendeling (1) op de besturing (2) insteken.
  • Kabel tandriemvergrendeling (1) door de kabelhouder naar de tandriemvergrendeling (optie) (3) leggen, eventueel afkorten, strippen en geïsoleerde adereindhulzen aanbrengen.
  • Tandriem-vergrendeling (optie) conform bedradingsschema aansluiten.

5.10 Transformator-aarding monteren

  • Aardingsleiding (1) van de transformator met vlakke apparaatstekker (2) verbinden.
  • Controleren of de draadstiften (4) van de aardingsconnector (3) de anodiseerlaag van de looprail doorboren.

5.11 Kapaarding monteren

  • Kabelschoen van de aardingsleiding kap (6) met verzonken schroef (3), tandschijf (4) en zeskantmoer (5) met kap (7) vastschroeven.
  • Aardingsleiding (2) van de kap met tweede stekkeraansluiting van de vlakke apparaatstekker (1) verbinden.
  • Holte (8) van deklagen vrijhouden.
  • In het gestreepte gebied (9) op de binnenkant van de kap, de kap direct van de deklaag ontdoen, indien er geen blank punt voor de apparaatveiligheidscontrole ter beschikking staat.

5.12 Zijplaten monteren

  • Bevestig de zijplaten (2) met plaatschroeven met verzonken kop 4,8 x 13 (1) tegen de zijkant van de looprail.
  • Bevestig het bevestigingsblokje (4) met plaatschroeven met verzonken kop 4,8 x 13 (3) tegen de binnenkant van de zijplaten (2).
  • Draadstift (5) volledig van onderaf in het bevestigingsblokje (4) indraaien.
  • Lijm de zijkappen (7) met elk 4 lijmpunten (6) van buitenaf op de zijplaten (2).
  • Let bij het lijmen op het volgende:
    • De lijmvlakken moet schoon en vetvrij zijn.
    • De zichtvlakken van de zijkappen moeten aan de buitenzijde liggen.
    • De bovenranden van zijplaat en zijkap moeten gelijk liggen.

5.13 Accu en besturing verbinden

  • Niet in het gebied van beweegbare delen grijpen.
  • Controleren of de accu-kabel (1) lang genoeg is.
  • Evt. accu-verlengkabel op de accu-kabel steken.
  • Accu-kabel (1) naar de besturing leggen.
  • Stekker in besturing steken.

6. Apparaatsveiligheidscontrole en productietest

Apparaatveiligheidscontrole volgens EN 60335-1 bijlage A uitvoeren.

De apparaatveiligheidscontrole bestaat uit de volgende delen:

  • Aardleidingscontrole met 10 A-teststroom
  • Isolatiesterktecontrole (hoogspanningscontrole) met 1000 VAC

Daarvoor is het gebruik van een voor deze norm geschikt testapparaat noodzakelijk.

Verloop van de controle

  1. Netaansluitkabel met netstekker op transformator aansluiten.
  2. Netstekker in testapparaat steken.
  3. Controle op testapparaat starten.
  4. Met de sonde na elkaar alle met aardleiding verbonden metalen delen controleren. Daarbij wordt telkens tussen de PE-leiding van de netkabel en van het door de sonde aangeraakte deel de laagohmige verbinding gecontroleerd.
    Met de sonde minstens de volgende testpunten aanraken:
    • metalen hoek transformator
    • PE-aansluiting op de secundaire zijde van de transformator (aansluitblokje)
    • looprail (blanke, niet geanodiseerd punt)
    • vlakke apparaatstekker voor aardaansluiting transformator
    • kap (blank, niet geanodiseerd punt)
    Alle aardleidingsverbindingen moeten een weerstand van minder dan 0,1 Ω hebben.
  5. Vervolgens isolatiesterktecontrole (hoogspanningscontrole) op het testapparaat starten.

Er mogen uitsluitend aandrijvingen met een afgesloten apparaatveiligheidscontrole in gebruik worden genomen.

Het resultaat van de apparaatveiligheidscontrole moet samen met het serienummer van de aandrijving aantoonbaar gedocumenteerd worden.

Na de apparaatveiligheidscontrole de vlakke apparaatstekker van de aardaansluiting niet meer van looprail losmaken.

  • Productietest uitvoeren zoals in het bedradingsschema beschreven.

6.1 Kabel losmaken

  • Accu-kabel aan de besturing losmaken en voor het transport borgen.
  • Aardingsleiding van de kap van de aardingsconnector verwijderen.
Previous
GEZE Powerdrive Voormontage Handleiding | Installatie
Next
Gamme Powerdrive GEZE : Introduction et Instructions

Leave a Comment

Your email address will not be published.